Costa Rica in 10 dagen: een realistische route
Niet iedereen heeft drie weken. Als je tien dagen hebt voor Costa Rica, kun je nog steeds een fantastische reis maken — je moet alleen scherpere keuzes maken. Onze tip: kies twee, hooguit drie regio’s en doe die goed, in plaats van het hele land af te jakkeren. Hieronder een route die in de praktijk erg goed werkt.
Dag 1–2: aankomst en de hooglanden
Je landt in San José. Blijf niet in de stad hangen; rijd rustig de eerste dag naar de omgeving, kom bij van de vlucht en wen aan het ritme. Dit is ook je kans om de koffiestreek te zien voordat je verder trekt.

Dag 3–5: Arenal en La Fortuna
Trek naar La Fortuna, aan de voet van de Arenal-vulkaan. Drie dagen hier zijn goed besteed: wandelen over de lavavelden, ‘s avonds in een warmwaterbron, en een dagtrip naar een waterval of de hangbruggen. Dit is voor veel reizigers meteen het hoogtepunt.
Dag 6–8: de Pacifische kust en Manuel Antonio
Zak af naar de kust, richting Manuel Antonio. Hier wisselt het tempo: een ochtend in het nationale park tussen de apen en luiaards, de middag op het strand. Het is de perfecte plek om natuur en ontspanning te combineren zonder ver te reizen.

Dag 9–10: rustig terug
Plan de terugreis niet te strak. Reken op een reisdag terug richting San José of de luchthaven, en houd een laatste ochtend vrij. Wie ‘s avonds pas vliegt, boekt vaak nog een nacht dicht bij het vliegveld — dat scheelt stress.

Wat je bewust weglaat
In tien dagen laat je onvermijdelijk mooie dingen liggen: Monteverde, de Caribische kust, het wilde zuiden. Dat is geen gemis, het is een keuze — en een goede reden om nog eens terug te komen. Beter twee regio’s echt beleven dan zes vluchtig aantikken.
Wil je een route van tien dagen die precies bij jouw tempo en wensen past? We stellen hem graag voor je samen.